5 augustus: Van Haugland naar Bergen

I travelled in the most inefficient way possible and it took me exactly where I wanted to go.

kaart-05-08

De zon schijnt als we opstaan, maar het is slechts van korte duur. Zodra we onderweg zijn komt de bewolking en die blijft zo’n beetje de hele dag. Pluspunt is dat het wel droog blijft en dat schijnt wel bijzonder te zijn voor deze streken.

We zakken via het (schier)eiland Radøy af naar Bergen. Ik vraag me af, als je een brug aanlegt naar een eiland, is het dan nog een eiland of wordt het dan een schiereiland? In elk geval zitten we eerst nog in een minder bevolkt deel van Noorwegen. Een plek waar de bomen de huizen terugvorderen, een bushokje de beste plaats is om koffie te drinken en waar de muurtjes typisch Engels zijn. Misschien dat de Noormannen dit wel mee naar Engeland hebben genomen tijdens hun plundra-tochten.

Gisteren noemde ik het ook al. Het landschap is hier anders. Meer vervallen en rommelig. Beetje verveloos en niet zo mooi en opgeruimd als in de eerdere delen van Noorwegen die we bezochten. Nu kan ik me ook voorstellen dat het vocht alles aantast. Het moet hier wel schimmelen met al die regen. Het voelt ook de hele tijd klam en vochtig aan. 

Via Hella, Byrkjeland en Sæbo komen we bij Alversund en Knarvik (waar de krasse knarren wonen). Langzaam wordt het voller en drukker. We moeten nu een serie van bruggen over.

Eerst bij Alversund waar we Alverstraumen oversteken via de Alverflatenbrua. Alver komt van het oude Noorse woord Alviòra, dat aangeeft dat het weer hier van alle kanten komt. En dat geloven we wel. De brug heeft één rijbaan maar wel een aparte baan voor fietsers en voetgangers. Als we erop rijden, samen met ander verkeer, wiebelt hij wel.

Iets verderop komen we bij Knarvik, een van de grotere steden hier (met het grootste winkelcentrum van de buurt, maar dat heb ik Mevr. van der Veeke niet verteld). Het is omgeven door vier fjorden; Osterfjorden, Sørfjorden, Byfjorden en Radfjorden. Via de iets grotere Hagelsundbrua gaan we over naar het (schier)eiland Flatøy. Daar moeten we nog flink voor klimmen.

Het eilandje Flatøy is eigenlijk een kruispunt van snelwegen en bruggen die de verbinding vormt tussen het noordelijke Nordhordaland en Bergen. Wij gaan de Nordhordalandsbrua over die met zijn anderhalve kilometer een flinke jongen is.

We volgen de kustlijn tot Bergen en hadden gedacht dat dit een makkelijke tocht zou worden. Niets is minder waar. Het gaat hier continu op en neer en het is zeer vermoeiend fietsen. Een beetje zoals aan de zuidkust van Noorwegen. En we zitten steeds in bebouwing en met auto’s om ons heen. Het is hier gewoon druk en dat zijn we niet meer gewend. Wel zien we soms vreemde bordjes. Wat we daar nu weer van moeten denken?

Als we Bergen naderen hebben we een mooi uitzicht op de stad. Bijzonder vind ik dat de grotere scheepvaart hier midden in de stad aankomt. Morgen gaan we de stad beter bekijken.

Via Airbnb hebben we een appartementje op loopafstand van de binnenstad kunnen regelen. Het ligt in een studentenwijk en na wat klimwerk worden we opgevangen door Anja. Ik vermoed dat het haar woning is en dat ze wat bijverdient door bij haar vriend(in) te logeren en dit te verhuren. Het is een mooi plekje met veel ruimte, een ingerichte keuken, een heerlijke douche en wifi. We vinden dit veel fijner dan een hotel want je kunt gewoon lekker in je pyjama op de bank hangen en je eigen potje koken. Het enige nadeel is dat we steeds drie trappen op moeten en dat kost moeite na zo’n zware fietsdag. Maar goed, daar is nog wel overheen te komen.


profiel-05-08

Getallen van de dag
Aantal kilometers: 60,4 (totaal 1039)
Aantal hoogtemeters: 955
Airbnb adres op Tartargaten 1 (€ 101)

4 augustus: Van Takle naar Haugland

Should – would – could – did

kaart-04-08

Vandaag verlaten we het Sognefjorden. We gaan richting westkust en zakken dan af naar Bergen, waar we morgen hopen aan te komen.

En dat gaat niet zonder slag of stoot. Om uit het dal te komen moet er geklommen worden. En wel 300 meter in drie kilometer. Dat geeft de eerste watervallen van de dag. In de bilnaad wel te verstaan. Af en toe kijken we om en zien we het Sognefjorden  steeds verder in de diepte liggen.

En om extra uit te rusten onderweg doe ik soms net of ik wat interessante foto’s maak.


Na de pas dalen we net zo snel af. In de verte zien we het volgende fjord alweer liggen.


Het is het Austgulenfjorden en het ligt erbij als een spiegel. Je ziet niet waar het water overgaat in de kant. Een mooi fenomeen om te kijken. Ik wordt er haast door gebiologeerd tijdens het koffie drinken.


Hierna volgen we dit fjord langs de oever. Ook hier zijn weer nauwelijks auto’s. Het is een mooi stukje route dat ik uit de tracks van Kees Swart heb gehaald. Kees weet altijd de mooie weggetjes te vinden.


Aan het einde van het Austgulenfjorden komen we weer op fietsroute 1. Dit wordt ook wel de Noordzee-route genoemd en deze hebben we langs de zuidkust ook een stuk gevolgd. Het is een grotere weg dus we komen nu zomaar ineens vijf auto’s per uur tegen. En weer een tunnel maar omdat dit een grotere weg is, is de tunnel ook wat luxer. Er zit zelfs verlichting in. Toch kleden we ons plichtsgetrouw om voor we het gat induiken.

Uiteindelijk komen we in Slovag. Klinkt als een Oost-Europese stad, maar het is echt in Noorwegen. Ik had uitgezocht dat de pont om kwart over het uur gaat. Met wat racen zijn we op tijd. Maar geen boot. Volgens het schema wat er hangt gaat hij om kwart voor. Foutje of nieuwe tijden? Hoe dan ook het geeft ons tijd om wat te eten voor de boot aankomt.

De pont brengt ons voor Nok. 70 in twintig minuten naar Leivag. Daar zien we meteen dat we nog op de goede weg zitten.

Het landschap is hier anders. Niet perse vlakker of minder stenig. Zelfs niet minder ruig. Maar wel meer gecultiveerd. Veel meer huizen en minder hoge bergen. En de weg gaat wat meer op en neer dan toen we langs de fjorden fietsten. Dat is ook wel te zien aan het aantal hoogtemeters van vandaag. Met al die bossen lijkt het op Zweden of Finland. Maar we zien ook stenen muurtjes en dat doet weer aan Engeland denken. De koeien tenslotte herinneren ons aan Nederland.

Het zijn allemaal eilanden en schiereilanden hier aan de westkust. Er loopt eigenlijk maar één grote weg die af en toe een aftakking heeft die dood loopt. Tegen alle weersvoorspellingen in hebben we een mooie dag vandaag. Veel bewolking maar warm en zelfs af en toe wat zon. We verheugen ons dan ook om vanmiddag weer de tent op te zetten.

Helaas mag het niet zo zijn. Ongeveer vijf kilometer voor de camping (de eerste sinds vanochtend) begint het te regenen. En niet zomaar regen maar de Bergense variant van Noorse regen. Dikke druppen in een dicht gordijn. Zo spoelen we richting camping met in gedachten toch maar weer een hutje. We schrikken nog even als er geen symbool voor hutjes staat, maar ze zijn er wel op de camping. De campingbaas heeft waarschijnlijk meelij met twee verzopen Nederlanders want we krijgen zelfs wat korting.

En daar zijn we blij mee want als we kijken bij de weinige tentplekjes die er zijn, soppen we in het gras. Daar waar je blijft staan vormt zich een vijvertje rond je voeten. Op de campings in dit deel van Noorwegen zie je zelden een tent staan. We snappen ook wel waarom. Meestal zijn het caravans met enorme vaste uitbouwen, veel groter dan de caravan. Zal wel met de reglementen te maken hebben.

Bij de camping hoort ook een haventje. Van boven ziet het er prachtig uit.

Tegen de avond komt de zon tevoorschijn en klaart het weer op. We hopen dat we morgen weer zo’n mooie dag krijgen. Want ondanks de bui zijn we erg tevreden met het weer. Want het stereotype beeld van Bergen en regen klopt wel volgens de mensen die we hier spreken. Dus we mogen echt niet klagen.

profiel-04-08

Getallen van de dag
Aantal kilometers: 76,9 (totaal 979)
Aantal hoogtemeters: 1066
Hutje op camping Vagenes (Nok. 500/€ 53,76)

24 juli: Van Skallevold naar Holmestrand

Some beautiful paths cannot be discovered without getting lost.

kaart-24-07

Vandaag staat eigenlijk te boek als een rustdag. Maar om nu een hele dag op de camping te zitten, vinden we ook maar niets. Daarnaast is, tot overmaat van ramp, de e-reader van Mevr. van der Veeke ook nog stuk gegaan dus er valt minder te lezen. Ze moet het nu op de telefoon doen. Een gelukje is dat de meeste boeken die ze wil lezen in een dropbox staan, dus die kan ze zo weer van internet binnenhalen.

Goed. Op pad dus maar. We lopen iets van 30 kilometer achter op de planning, dus die gaan we nu inhalen. Voelt als een rustdag.

De route is nog steeds een puzzelstuk. De werkelijkheid klopt niet met de aangegeven routes op mijn kaart. Als we denken naar de route terug te gaan vanaf de camping, zitten we ineens op de route. En het is een mooi bospaadje.

De volgende stop op de route is Åsgårdstrand. Het centrum voor kunstenaars en schilders. Onder andere Edward Munch (de schreeuwlelijk) en Hans Heyerdahl hebben hier gewoond. Ze zeggen vanwege het licht, maar ik denk dat ze gewoon voor het mooie weer komen. Wij maken een koffie en laten het allemaal eens op ons inwerken.

Vlak voor Horten wijst de route ons ineens de bosjes in. Het blijkt een spannend paadje te zijn. Meer ATB track dan fietsroute, maar de fietsen kunnen het aan en wij vinden het altijd leuk.


Horten is weer een grotere stad. Wij denken er boodschappen te kunnen doen, maar het is er uitgestorven. Je kunt een kanon afschieten zonder iemand te raken. Ook alle grote supermarkten zijn gesloten. We hoeven gelukkig niet te verhongeren want er is nog een kleine Spar open waar we een simpel maaltje kunnen krijgen.

In de buurt is ook de Borre mound cemetary. Hier liggen de meeste dooie (Noorse)koningen bij elkaar op één begraafplaats. Wij maken nog een koffie en overdenken dit feit.


De LF1 steekt hier over naar Moss. Dat hadden we origineel ook in de route, om dan via Oslo te gaan. Maar dat stuk is, door realiteitszin van Mevr. van der Veeke, al eerder gesneuveld. En dat is maar goed ook want dat hadden we never-nooit-niet gehaald zonder huwelijksschade.

Vanaf hier hebben we een verbindingsstuk naar de LF5, die meer in het binnenland ligt. Hier lopen geen fietsroutes dus ik heb een eigen route gemaakt via grotere wegen. Hierdoor zitten we soms stukjes op provinciale wegen. Gelukkig is het zondag en niet druk.

Een paar kilometer voor Holmestrand gaan we naar camping Sandbade. Hier willen we de rest van de rustdag doorbrengen. De camping stelt ons wat teleur. Ze hebben eigenlijk alleen maar vaste plaatsen en voor ons is het dus behelpen. Eerst wil de campingbaas ons op het parkeerterrein van het naastgelegen strandje plaatsen maar dat willen we niet. Uiteindelijk is er nog een stukje gras tussen de caravans beschikbaar. Dat is het voordeel van een klein tentje.

De rest van de middag kunnen we een wasje doen, op het strandje luieren en ’s avonds maken we een maaltijd met uitzicht.

Dit was het laatste stukje langs de Noorse zuidkust. Morgen gaan we het binnenland in richting de hoogvlaktes. We hopen op net zo mooi weer als hier maar het zal wel een beetje kouder worden.

 

Tenslotte nog even een stukje over hoe ik de Noorse mensen ervaar (let op; persoonlijke mening. Mag je het totaal mee oneens zijn):

Naar ons toe zijn ze erg gesloten. Het komt zelden voor dat iemand ons aanspreekt. Sterker, ze kijken bijna altijd van je weg. Sta je in andere landen even stil om om je heen te kijken, dan komt er meteen iemand naar je toe of je verdwaald bent. Dat zal je in Noorwegen niet overkomen.

Onderweg wordt niet gegroet. Zelfs niet tussen fietsers onderling. Een knikje is het hoogst haalbare waar je op mag hopen. Terwijl in de meeste andere landen waar we gefietst hebben, we altijd toegeroepen, uitgelachen of toegejuicht worden. 

Ook op campings hebben we nauwelijks contact terwijl het reizen met de fiets hier niet gebruikelijk is. Eigenlijk komen de Noren in het algemeen erg nors over. Er zijn natuurlijk uitzonderingen. Zoals de Noor die op een camping wel kwam informeren naar de reis en zijn eigen ervaringen vertelde. En de man die Mevr. van der Veeke spontaan een krabbenhengel leende.

Toch zijn ze niet onvriendelijk. Als je hulp vraagt, dan krijg je die. Als je een praatje probeert aan te knopen, dan is er altijd wel response. Maar al met al ervaar ik het niet als een warm volk. Een voordeel is wel dat bijna iedereen, ook kinderen, Engels spreekt.

profiel-24-07

Getallen van de dag
Aantal kilometers: 35,7 (totaal 406)
Aantal hoogtemeters: 374
Camping Sandbade  (Nok 200+ Nok 45 douche / €26,35)

 

23 juli: Van Stavern naar Skallevold

The true fruit of traveling is perhaps the feeling of being nearly everywhere at home.

kaart-23-07

Als we opstaan ziet het weer er vrij redelijk uit, maar zodra we de tent ingepakt hebben betrekt het toch aardig. Een groot deel van de dag zal het druppen en later zijn het zelfs buien waar we de regenjas voor tevoorschijn halen. Toch was het een prima dag waarin we weer veel te zien krijgen.

We gaan eerst naar Stavern. Tot 1942 was het het kleinste stadje van Noorwegen, maar in 1988 ging het samen met Larvik en verloor daardoor zijn status. Het stadje trekt veel kunstenaars en we struikelen dan ook over de galerieën. We kijken even bij het haventje. Een bepaald soort houten bootjes is hier courant. En in de super halen we wat lekkers voor bij de koffie.

Larvik is de volgende plaats op de route. De eerste grotere stad sinds Kristiansand. We hebben er mooi zicht op als we aan komen fietsen om het fjord.


Na Larvik gaan we een stukje van de kust af richting Sandefjord. Het landschap is hier anders dan de afgelopen dagen. Toen gingen we helemaal stuk door de vele klimmen. Het is hier ook niet vlak, maar veel beter te doen. Een beetje als Denemarken. Hier is ook wat meer landbouw omdat het vlakkere land zich daar beter voor leent. Wij zijn er in elk geval blij mee want dit is veel fijner fietsen.

Bij Kaupange komen we langs een openlucht museum. Het is een van de oudst bewoonde plaatsen in Noorwegen en hier is een Vikingschip gevonden. Je ziet hoe ze hier vroeger leefden en een interessant feitje is dat deze plek vroeger veel dichter aan het water lag. De reden is dat Noorwegen elk jaar 7 mm stijgt sinds de ijstijd. Dat is ook een oplossing voor de global warming.

We komen nauwelijks fietsreizigers tegen. Ook op de camping hebben we nog geen andere fietsers gezien. Maar wat de Noren graag doen is langlaufen. En dan hoeft er niet eens sneeuw voor te liggen. We komen hun getik onderweg vaak tegen. Meestal zijn het zwetende mannen maar soms wordt ik ook eens verwend.


Sandefjord is een grote stad en het is er druk. Het is de rijkste stad in Noorwegen. Allemaal verdiend met de walvisvaart. Ze hebben ook de derde commerciële vloot van Noorwegen. Het ziet er gezellig uit in het centrum maar omdat het begint te regenen besluiten we toch om door te gaan.

Het fietsen gaat vandaag lekker en zo peddelen we door het landschap. Kerkje hier, rotspartij daar en soms uitzicht op een fjord.

De eerste dagen hadden we er geen geduld voor maar we doen ook weer eens wat caches onderweg. In elk land moet ik altijd even wennen aan de manier van verstoppen. Op de een of andere manier verschilt dat. Maar daarna zijn ze gemakkelijk te scoren.

Mevr. van der Veeke zoekt meestal ook mee maar wordt hier volkomen in beslag genomen door al het lekkers langs de weg. Ik krijg haar nauwelijks meer mee als ze een rijpe vondst doet. En dan heb ik het niet over de mannelijke langlaufers. 

En ik moet toegeven. Ze zijn heerlijk zoet.

Zo komen we via Melsomvik in Tonsberg. Door velen beschouwd als de oudste stad in Noorwegen, maar dat heb ik ook van andere steden horen beweren. Volgens Snorri Sturluson (what’s in a name) is het gesticht na de slag van Hafrsfjord in 871. Het heeft de oudste stenen kerk, een cathedraal en een kasteel. En de Oseberg burial mound waarin ze allemaal voorwerpen uit de Vikingtijd hebben gevonden. En het heeft ook een file. 

Het is voor het eerst dat we zoveel auto’s bij elkaar zien in Noorwegen. Het is ook voor het eerst dat we moeite hebben met het vinden van de weg. De bordjes van route 1 staan andere kanten op dan wij willen. En er zijn geen fietspaden. Met behulp van de GPS en om ons heen kijken vinden we toch de route naar de camping. Onderweg doen we nog even boodschappen. We geven weer een godsvermogen uit aan een bier, een cider en wat eten. Toch zou ik het aankomstbiertje niet willen missen. Is toch een beetje de beloning elke dag.

Ook deze camping is vol maar we hebben het geluk dat er net iemand vertrekt. We hebben veel luxe vandaag want we kunnen een tafel en stoelen van het terras gebruiken, er is een keuken en de mogelijkheid om alles op te laden. En tegen de avond komt de zon weer tevoorschijnzodat we even op kunnen warmen.

Na het eten lopen we nog even naar het fjord. Daar zijn ze aan het vissen naar krabben. Sommigen hebben emmers vol maar het zijn allemaal kleintjes. Mevr. van der Veeke doet ook een poging en zowaar… Hiermee hebben we alle doelen van de dag bereikt. Het bed lonkt.


profiel-23-07

Getallen van de dag
Aantal kilometers: 68,2 (totaal 371)
Aantal hoogtemeters: 662
Camping Skallevold  (Nok 160+ Nok 75 douche / €25,25)

22 juli: Van Stathelle naar Stavern

A good traveller has no fixed plans and is not intent on arriving.

kaart-22-07

Vannacht begon het te tikken op de tent. Altijd gezellig, maar niet als er nog was buiten hangt. Die moest dus even naar binnen. En daarna ligt het weer heerlijk tot ’s ochtends. Dan moet het getik wel afgelopen zijn. Omdat we onder een boom staat, is dat wat lastig te bepalen. Maar gelukkig is het droog én zonnig als we opstaan.

In Stathelle haalt Mevr. vd Veeke wat lekkers voor bij de koffie. En de meeste supermarkten hebben wifi, dus dan kan ik ondertussen even de nieuwe verslagen uploaden.

Soms moeten we over een brug. Ze hebben hier een paar mooie gebouwd. Dit is de Brevik brug die in 1962 gebouwd is. Voor die tijd was er alleen een pontje.

Daarna volgen we de rand van het fjord langs Heistad, Porsgrun en Eidanger. We komen mooie straatjes tegen.

En soms erg langzaam verkeer dat ons in wil halen.

We volgen de LF1 (Lange-afstands Fietsroute 1), ook wel de Noordzee route genoemd. Deze loopt eigenlijk helemaal om de Noordzee heen via Nederland, Duitsland, Denemarken, Zweden, Noorwegen, Engeland en België. Hij stond nog op onze te-fietsen-lijst, maar inmiddels hebben we er zoveel stukken van gedaan, dat we hem al haast kunnen afvinken. In Noorwegen volgt hij min of meer de kust. Soms zijn dat rustige wegen.

Maar soms zijn het ook de drukkere wegen. En dat laatste hadden we vandaag veel. Ik denk dat het drukker is door het vakantie-verkeer. Daarnaast hadden we vandaag voor het eerst regen onderweg. 

Vandaag is het  iets minder klimmen. Dat is  te zien aan de hoogtemeters. Tussen Helgeroa en Stavern hebben we zelfs een stuk dat min of meer vlak is. En dan trappen we dat zo weg. Tenminste als we niet stoppen voor een foto.

En ook vandaag stoppen we op tijd. Na een dikke 50 kilometer vinden we het wel welletjes. We komen langs een camping aan de kust. Natuurlijk is die vol, maar met ons toneelstukje van de vermoeide fietser is er altijd wel een plekje. In dit geval tussen twee huisjes in. Niet goedkoop maar een fijn plekje. In het restaurant serveren ze een koud biertje en daarna koken we bij de tent ons potje. Helemaal goed zo.


profiel-22-07

Getallen van de dag
Aantal kilometers: 50,8 (totaal 303)
Aantal hoogtemeters: 681
Camping Solplassen (Nok 245+ Nok 45 douche / €32,25)

 

21 juli: Van Kragero naar Stathelle

I have learned so much from my mistakes, I am thinking of making a few more.

 

kaart-21-07

Laat aankomen betekent ook laat in bed. In ons geval na elven, maar we worden toch uitgerust wakker. Het is weer stralend weer. Een onverwachte bonus voor Noorwegen. Alles kan droog ingepakt worden en we doen weer rustig aan. Om half tien zitten we op de fiets. En na dertien kilometer zitten we weer op 300 meter van onze startplaats. Huh?! Wat vergeten? Nee, we moeten helemaal om het fjord heen fietsen. Nu zien we de camping van de andere kant liggen.

Daarna fietsen we eigenlijk alleen maar door het binnenland. We komen geen plaatsen tegen. Af en toe een dorpje en af en toe een strandje. Het is vakantie in Noorwegen en mooi weer. Op de strandjes is dus meestal wel wat te doen.


Het fietsen is zwaar. In mijn naïviteit heb ik gedacht dat het niet zwaarder kan dan in Engeland. Ook hier had ik het dus weer fout. Gisteren hadden we 1000 hoogtemeters. Als je in de bergen gefietst hebt, weet je wat dit betekent. En elke meter zit nog in de benen.


Is dat dan nog leuk? Jazeker wel. We genieten van de inspanning, de omgeving en elkaar. Op de fiets onderweg zijn, is gewoon prachtig omdat je zoveel ziet. Zelfs als het zo zwaar is als nu.

We maken dus ook niet zoveel mee vandaag. En dan ga je op andere dingen letten. Vreemde bordjes en bommen op de route.

Op een gegeven moment komen we weer op een gravelpad. Hoe kleiner de wegen, des te steiler de klim. Dat gaat hier ook weer op. Er zit niets anders op dan lopen.

Maar de gravelpaden geven ook veel terug.je bent echt even buiten de beschaving en waant je alleen.

Voor vandaag had ik een schamele 65 kilometer gepland. ’Moet makkelijk kunnen en lekker op tijd op de camping’ dacht ik bij de planning. Fout. Dit gaan we vandaag niet halen. Tenminste als we niet weer om zeven uur willen aankomen. We zijn inmiddels ook alweer aardig stuk en zelfs bij 50 kilometer hebben we weer al bijna 1000 hoogtemeters. Vlak voor Stathelle komen we langs een rustige camping. Tijd om te stoppen. Het blijkt ook nog eens een koopje te zijn want voor Nkr. 100 kunnen we er een nachtje staan. Geen dorpen gezien onderweg, dus ook geen winkels. Ik fiets daarom nog even naar de dichtstbijzijnde winkel voor eten en drinken. En zo eindigen we vandaag lekker op tijd, in de zon met een bier en een cider. Toch nog een beetje vakantie.

Getallen van de dag
Aantal kilometers: 54,5 (totaal 252)
Aantal hoogtemeters: 943
Camping Fjellstad (Nok 100 + Nok 30 douche / €14,=)

profiel-21-07

Proporties goed zetten bij posten naar internet

 

20 juli: Van Kisund naar Kragero

Life begins at the end of your comfort zone.

kaart-20-7

Ik ben een planner. Sommige noemen me zelfs een control-freak maar volgens mij zijn dan jaloers op mijn vaardigheden. Voor een reis puzzel ik thuis ook altijd van alles uit om geen verrassingen te krijgen onderweg. Zo heb ik deze keer wat kortere etappes gepland. We worden tenslotte een dagje ouder en het is fijn rond vier uur aan te komen op de camping. En ondanks dit alles arriveren we vandaag, moe en bezweet, na zeven uur ’s avonds op de camping.

Het begon met het eindigen van een natte nacht. Ik wist niet dat het omhoog kon regenen, maar in Noorwegen is alles mogelijk. Alles aan de tent is dus erg nat. Gelukkig is het stralend weer maar het kost tijd om te drogen. We vertrekken laat vandaag. Tegen tien uur. Een minpuntje is dat de rug het laat afweten. Of het de inspanning is, het vocht in de grond of de luchtbedden? Geen idee, maar lastig is het wel.


We fietsen eerst naar Tvedestrand. De natuur is, zo mogelijk nog mooier met de spiegelende bergen in de meren. Tvedestrand is, net als ieder ander kustplaatsje, bekend om zijn witte huisjes. Het dorpje is erg populair bij de toeristen. Er zijn 1700 zomerhuisjes. Daarnaast zijn er 2000 gebouwen die ouder zijn dan 100 jaar.

We doen vandaag eens luxe en nemen een ‘echte’ koffie op een terras. Met een kaneelbroodje. We zitten nog in de relax stand. Bij de apotheek haal ik een crème voor mijn rug. Ik wordt geholpen door een aardige huldre (*) die bezorgd vraagt of ik wel iemand heb om het in te masseren. Het is een verleidelijk aanbod, maar er is maar één Mevr. vd Veeke.


(*) Huldre 

In de Noorse folklore is dit een aantrekkelijk (jonge) vrouw, maar ze heeft een staart, verborgen onder haar jurk en soms rond haar middel gebonden. En die komt op ongelukkige momenten tevoorschijn. Ze is niet alleen mooi maar ook een goede huisvrouw. Een serieuze bedreiging dus en daarom zijn de normale vrouwen er niet blij mee. Als de huldre in de kerk trouwt met een man valt haar staart er compleet af. Daarnaast kan ze een nacht zeven jaar laten duren. De verleide man is dus vaak wat later thuis.

 


Door het binnenland gaan we door naar Risør. De weg gaat continu op en neer, de uitzichten zijn mooi en soms is de weg rustig en soms wat drukker. 


Met name het laatste stukje naar Risør is druk. Je vraagt je af waarom, want de weg loopt daar min of meer dood. Eenmaal daar gekomen snappen we het wel. Het is een ‘bustling town’ met veel terrasjes, bootjes en mensen. 

Wij gaan op zoek naar het postkantoor onder water maar kunnen het niet vinden. De verzonden post wordt mee onder water genomen, wel droog, en daar afgestempeld. Daarna wordt het normaal verzonden. We rijden de hele haven af, maar ik denk dat het ondergelopen is. We hebben meer zin in een ijsje.

Dan op zoek naar het pontje. Ik hoop wel dat hij nog vaart want omfietsen kost een dag. Na wat vragen vinden we het vertrekpunt. De vaartijden zijn wat anders dan de tijden die ik op internet gevonden heb, maar uiteindelijk zitten we op het water. De prijzen zijn wat anders dan in Nederland. We betalen Nkr 160 (ongeveer € 17)

Op het schiereiland rijden weinig auto’s. Alleen bij het aankomen van de pont is het even druk. Ook hier veel bossen, stenen en water. En heuvels. Zo ploeteren we naar Stabbestad.

We hebben de keus bij Stabbestad een camping te nemen die drie kilometer uit de route ligt. Of over te steken naar Kragero, een paar kilometer fietsen en dan een camping nemen die vier kilometer uit de route ligt. We besluiten voor het eerste. Stabbestad ziet er groot genoeg uit om een winkel te hebben, dus we kunnen nog boodschappen doen voor we naar de camping gaan.

Dat is een foute aanname. In Stabbestad is weinig. Een duur hotel en een ijskraam die ook pølser (soort hot dog) verkoopt. Uiteindelijk kiezen we ervoor om toch maar de pont naar Kragero te nemen. Ook hier zijn de tijden anders dan ik gevonden had. We hebben nog tijd om een pølser te nemen. Helaas zijn de broodjes op, dus hij wordt in een pannenkoekje gewikkeld. Inmiddels is het al zes uur. Een korte dag zit er niet meer in.

Deze pont is iets groter dan de vorige, neemt ook auto’s mee en is iets goedkoper (150 Nkr). In een kwartier zijn we aan de overkant en in de haven is meteen een winkel.

Dan door naar de camping. Het is een hele grote luxe. Ze hebben het terrein met de rotsen mooi geïntegreerd in de camping. En hij is vol. Maar de campingbaas belooft ons toch een privé plekje. Bij een stacaravan in wording mogen we op het grasveldje kamperen. Inderdaad een pracht plekje. Inmiddels is het na zevenen, maar we zitten nog steeds in de zon. Tijd om de spullen nog even te laten drogen voor we het opzetten.

Dit kost natuurlijk wel wat. Niet eerder in mijn fietscarrière betaalde ik zoveel voor een plekje. Nkr 345 plus nog een keer 60 voor het douchen. Iets meer dan €43. Kassa voor Noorwegen. Toch zou ik ook het dubbele betaald hebben gezien het tijdstip en de vermoeidheid. We wisten dat Noorwegen duur is. En vandaag hebben we dat ook echt aan den lijve ondervonden. Maar goed, je krijgt er veel moois voor terug.

profiel-20-7

Getallen van de dag
Aantal kilometers: 83,3 (totaal 197)
Aantal hoogtemeters: 997
Camping Lovisenberg (Nok 345 + Nok 60 douche / €43,25)

 

19 juli: Van  Lillesand naar Kisund

Nemophilist: a haunter of the woods. A person who loves the woods, it’s beauty and solitude.

kaart-19-7

In de nacht en ochtend wordt ik meerdere keren wakker van het tikken op de tent. Klinkt wel gezellig zolang je erin ligt, maar het is minder leuk als je eruit moet. Gelukkig houdt het om zeven uur op als ik eruit ga. Ondanks de bewolking ziet het er veelbelovend uit. We ontbijten, pakken de tent in en gaan weer op pad.

We doen eerst Lillesand aan. De ‘Lille’ komt om het onderscheid te maken met zijn grote broer, Kristiansand. In Lillesand gebeurt niet veel en het staat bekend om zijn witte huisjes. Het ligt prachtig aan het water en ze hebben een goede bakker.

Wij vervolgen de LF1. Het eerste deel loopt nog over de gewone weg. Links en rechts komen fjorden tevoorschijn en we genieten van elk uitzicht.


Na een tijdje duikt de route de bossen in en gaan we off-road. 

En wederom heb ik me verschrikkelijk vergist in het hoogteprofiel. Ik had het vergeleken met gisteren en de conclusie getrokken dat het voor vandaag wel meeviel. Niets is minder waar. De combinatie van steilheid en los zand doet ons meerdere malen lopen.

Maar het is ontzettend mooi in de bossen. Alsof je alleen op de wereld bent. En daar hebben we wel wat zweetdruppels voor over. En wat regendruppels. Op een plekje in het bos maken we koffie en concluderen we dat Noors gebak ook best lekker is.

Na een lange tijd ploeteren komen we in Grimstad aan. Deze kustplaats heeft natuurlijk een haven met veel bootjes. Bijna allemaal pleziervaart want vissersboten komen we nauwelijks tegen. In de 18e eeuw werden hier heel veel schepen gebouwd op wel 40 werven. Al het hout in de omtrek werd ervoor gekapt. Ook is de plaats bekend van Henrik Ibsen (wie?) die hier gewoond heeft. Maar wat wij veel belangrijker vinden; het is ook de meest zonnige plaats in Noorwegen. In de maanden juni en jullie is er gemiddeld 266 uur zon (per maand). En dat kunnen we beamen want inmiddels schijnt hij weer volop. Op de markt staat een paella-kraam en we hebben best honger. Met uitzicht op de haven werken we beide een portie weg. Dat scheelt weer koken vanavond.

Vlak voor Fevik komen we ineens een stenen cirkel tegen. In Engeland gaan we daar altijd naar op zoek. Ik wist niet dat die hier ook waren. Helaas geen bordje erbij. Overigens zijn alle bordjes in het Noors, als ze er staan. Maar met een beetje puzzelen komen we daar wel uit.

De rest van de route vandaag is niet heel bijzonder. Hij loopt veel langs de autoweg. Weliswaar vrijliggend maar hier in het zuiden is veel verkeer. Misschien komt dat ook omdat het hier nu vakantie is.

Daarom zijn we blij dat we in Arendal komen. De oude haven is het centrum van activiteit. De bon-ton komen hier in bootjes om op de terrassen wat te nuttigen. Zien en gezien worden is het motto. Het Tyholmen district heeft prachtige houten huizen. Dat ze met houtbouw om kunnen gaan blijkt wel uit het feit dat ze hier het grootste houten gebouw van Noorwegen hebben weten neer te zetten. Wij kijken naar het komen en gaan van de scheepjes en werken ondertussen een bakje aardbeien weg. Ook typisch Noors.

Na een dikke zestig kilometer zijn we behoorlijk gesloopt. De benen moeten nog wel wennen. We zijn daarom blij dat de camping in zicht komt. Eigenlijk is het een watersport centrum annex B&B maar tussen de rotsen en in de boomgaard mag je ook tentjes neerzetten. We zijn de enige kampeerders en kiezen het mooiste plekje. Het lijkt bijna op wildkamperen maar het is wel fijn een douche op de achtergrond te hebben. Als avondeten hebben we een soepje met brood. Verder genieten we van de stilte en het uitzicht. Gezien de vermoeidheid zal het wel niet laat worden vanavond.

 profiel-19-7

Getallen van de dag
Aantal kilometers: 61,8 (totaal 114)
Aantal hoogtemeters: 702
Camping Sjoversto (160 Nok / € 17)

 

 

Donderdag 6 augustus: Van Oostvoorne naar Baflo

We worden in blijde verwachting wakker. Een beetje zoals met Sinterklaas of met je verjaardag. Het is heerlijk om onderweg te zijn, maar het is ook heel fijn om weer naar huis te gaan. Vandaag fietsen we naar station Den Haag Centraal. Daar nemen we de trein naar Groningen. En van Groningen naar Baflo fietsen we weer. We willen toch graag op de fiets thuis komen.

We hebben eerst nog een stukje door de Voornse Duinen. Ik kan het alleen maar beamen, het is best wel mooi hier.

Daarna komen we in een schemerzone. We hebben afgelopen weken allerlei landschappen gehad. Duin, zee, boulevard, ‘berg’-achtig, moeras, heidevelden en de kale toppen van Engeland. Maar nog geen industrie landschap. Dat gemis gaan we nu inhalen. Twee werelden staat op de bordjes. Je zit nog in een natuurgebied, maar je hebt zicht op de industrie van de Maasvlakte. Een beetje dubbel om in een vogel-spot-hutje te kijken naar een plas met op de achtergrond rokende pijpen, hijskranen en industrie.

De Maasvlakte ligt er al een jaar of vijftig (!) en is gemaakt door een ondiep stukje Noordzee te omdijken en vol te spuiten met zand. Het hoort bij de haven van Rotterdam en, omdat het eigenlijk in zee ligt, goed te bereiken voor grote schepen. Er wordt overigens gewerkt aan een tweede Maasvlakte, nog verder in zee. Wij nemen hier de snelboot naar Hoek van Holland. We hebben geluk. Hij vaart maar een keer per uur (xx:28) en we hoeven niet lang te wachten.

Om ons heen is het een en al industrie. Ik wordt zelf weer even met mijn werk geconfronteerd. We varen langs de LNG opslag waar ik, voor Gasunie, een stuk software voor ontworpen heb dat de administratieve afhandeling van het gas aan het netwerk afhandelt. Grote tankers met LNG uit het midden-oosten komen hier aan. Het vloeibare gas wordt in de tanks opgeslagen en verdampt als het nodig is. Door de natuurlijke verdamping en het feit dat het van verschillende eigenaren is, is het een administratieve uitdaging dit allemaal bij te houden. Leuk om het eens in het echt te zien.

Van Hoek van Holland langs de kust omhoog hebben we vaker gefietst. Het is een mooi stuk door een duinlandschap. Fijn om het zo af te kunnen sluiten. We hebben tenslotte bijna vier weken langs zee gefietst.

Bij Den Haag nemen we voorlopig afscheid van de zee en van de LF1. De LF4a brengt ons tot voor het centraal station in Den Haag. We nemen de rechtstreekse trein naar Groningen. De vertraging is slechts een half uur en om kwart voor vier komen we in Groningen aan.

We kiezen voor de bekende route over Oostum en Garnwerd. En precies vier weken nadat we vertrokken zijn komen we weer thuis. Het is mooi geweest zo.

Dit was voorlopig de laatste blog. Iedereen bedankt voor het lezen en de reacties. Met name Willem. Leuk dat je altijd een (korte) reactie stuurt. En tot een volgende reis.

Met vriendelijke groet,

Meneer en mevrouw van der Veeke.

Getallen van de dag
Aantal kilometers: 72,9 (totaal 1674)
Afstand tot Baflo: 0 kilometer (hemelsbreed)
Aantal hoogtemeters: 133

kaart-28-1

kaart-28-2

Woensdag 5 juli: Van Vrouwenpolder naar Oostvoorne

Vanuit Walcheren tikken we even Noord-Beveland aan voordat we over de Oosterschelde gaan. We zijn er nu al een paar keer geweest maar de Oosterscheldekering blijft een imposant bouwwerk en een staaltje menselijk vernuft. ‘Hier gaan over het tij, de wind, de maan en wij’, staat er op het plakkaat en in wezen is het zo. Het is een van de maatregelen die de Deltacommissie bedacht na de watersnoodramp van 1953. De totale stormvloedkering heeft 2,5 miljard euro gekost maar heeft de kans dat er een overstroming plaats vindt, teruggebracht naar eens in de 4000 jaar. Hij is drie kilometer lang en bij storm en/of springtij worden de stalen deuren gesloten. Hetzij door mensen, hetzij automatisch. Dat is in totaal nu 23 keer gebeurd. De deuren worden met hydraulische cilinders geopend en gesloten. Aan de hoogte van de cilinder op de schuif kun je zien hoe diep het is. En door gebruik te maken van schuiven in plaats van een dam blijft de getijdenwerking aanwezig. Prachtig om overheen te fietsen.

We laten Neeltje-Jans links liggen en gaan door naar Schouwen-Duiveland. De route gaat door het natuurgebied de Kop van Schouwen met het grootste bos van Zeeland. Het doet ons denken aan Schiermonnikoog waar je ook met slingerende fietspaden door de duinen gaat. Omdat het nog vroeg is, hebben we de wegen nog voor ons alleen. Een mooi landschap en zó anders dan de rest van Nederland.

Zo slingeren we ons over dit deel van Zeeland. Ik had het niet voor mogelijk gehouden, maar ook in Nederland zijn hellingen van 25%. Gelukkig gaan wij dit keer naar beneden. Toch heeft de route zo zijn uitdagingen. Door acties van paarden zijn wegen volledig geblokkeerd. Ze eisen een betere CAO en betere prijzen voor hun vlees. We geven ze groot gelijk en mogen door. Met koffie, Zeeuwse appeltaart en uitzicht op zee vieren we dit.

Bij Renesse is de goegemeente ook wakker geworden en gaat in drommen naar het strand. Allen voorzien van de verplichte artikelen. Schep, koelbox, body-board en zonnebrand. Man, man, wat een volk.

Wij steken de Brouwersdam over om op Goeree-Overflakkee te komen. Dit was het zevende bouwwerk van de Deltawerken. Halverwege ligt Porte Zélande, een vakantiepark waar we ooit met de kinderen hebben gezeten. Tussen de Brouwersdam en de, oostelijker gelegen, Grevlingendam ligt het Grevelingenmeer, een mekka voor watersporters. Het ziet dan ook wit van de zeiltjes.

Ook op Goeree-Overflakkee blijven we de kustlijn volgen. Zo komen we mooi langs de vuurtoren van Ouddorp en langs de schurvelingen. Dit zijn met gras begroeide zandwallen van een meter of twee hoog die de weilanden afbakenen. In de middeleeuwen werden de weilanden afgegraven om bij de vruchtbare klei te komen. Wat er af kwam werd op hopen gegooid en dat werden schurvelingen.

Goedereede zien we al vanuit de verte door zijn massieve toren. De route gaat door dit gezellig dorpje heen met monumentale pandjes.

Als laatste steken we het Haringvliet over met de dam. Dat brengt ons eigenlijk in Zuid-Holland en daarmee verlaten we het vakantiepark dat Zeeland is geworden. Ze zeggen dat de Voornse Duinen de mooiste zijn van Nederland vanwege hun variatie. We zien inderdaad duinen, bos, moeras en duinmeertjes. Via Rockanje komen we in Oostvoorne. De camping is eigenlijk vol, maar we kunnen een niet gebruikte vaste plaats delen met een paar andere fietsers.

Omdat het de laatste avond is, gaan we uit eten. Een paar honderd meter terug staat de Meidoorn Op het terras zitten we in de avondzon. Ze hebben een lekker biertje en wijntje en de kok weet het eten lekker op te warmen. Een mooie afsluiting van een prachtige dag.

Getallen van de dag
Aantal kilometers: 79,2 (totaal 1601)
Afstand tot Baflo: 231 kilometer (hemelsbreed)
Aantal hoogtemeters: 255

kaart-27